Terug
Gepubliceerd op 30/01/2020

2019_GR_00316 - Belasting op de ambulante handel op kermissen en op kermisgastronomie - Vaststelling - Goedkeuring

Gemeenteraad
di 17/12/2019 - 20:00 Raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bertrand Demiddeleer, voorzitter; Marc Snoeck, ; Peggy Massien, ; Dieuwertje Poté; Christophe Merckx, ; Johan Servé, ; Pieter Busselot; Anne Mattot; Hedwig Van Rossem; Marc Picalausa, ; Mark Demesmaeker; Wim Demuylder; Marc Sluys; Nelly Lanis; Brigitte Moyson; Rogier Lindemans; Sven Pletincx; Amber Magnus, ; Anke Matthys, ; Arno Pirolo; Benjamin Swalens; Bram Vandenbroecke; Eva Demesmaeker, ; Jeroen Hofmans; Leen Destoop, ; Louis Van Dionant; Marijke Ceunen, ; Pascal Saenen; Yves Demanet; Valerie Hamelryck, ; Nicky Van Acker; Jan De Winne, Algemeen directeur

Verontschuldigd

Dirk Van Heymbeeck; André Gorgon

Secretaris

Jan De Winne, Algemeen directeur

Voorzitter

Bertrand Demiddeleer, voorzitter
2019_GR_00316 - Belasting op de ambulante handel op kermissen en op kermisgastronomie - Vaststelling - Goedkeuring 2019_GR_00316 - Belasting op de ambulante handel op kermissen en op kermisgastronomie - Vaststelling - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en doel

De financiële toestand van de stad vergt de invoering van alle rendabele belastingen. Daartoe wordt voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 een belasting op de ambulante handel op kermissen en op kermisgastronomie geheven.

Advies en motivering

Het innemen van een gedeelte van het openbaar domein voor een kermis of voor kermisgastronomie kan niet kosteloos gebeuren. Er is een vergoeding verschuldigd voor het tijdelijk privaat en commercieel gebruik van de openbare ruimte.

Deze belasting verlicht de financiële lasten van de stad.

Juridische gronden

Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, gewijzigd bij decreten van 28 mei 2010 en 17 februari 2012;

Wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten, gewijzigd bij wet van 4 juli 2005, van 20 juli 2006 en van 22 december 2009, 21 januari 2013 en decreet van 24 februari 2017 meer bepaald de artikelen 8 tot en met 10,

Koninklijk besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie meer bepaald de artikelen 8 tot en met 24;

Collegebeslissing van 29 november 2019.

Besluit

De Gemeenteraad keurt het volgend besluit goed met 18 stemmen bij 13 onthoudingen (N-VA, Vlaams Belang, Halle 2019, Open VLD)

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 wordt een belasting op de standrechten op de kermissen geheven.

Artikel 2

De belasting wordt geïnd op basis van het aantal strekkende meter dat de ambulante handelaar inneemt.

Artikel 3

De standplaatsen voor de kermissen zullen op de volgende manier worden toegekend:

1)      Openbare kermissen

De gemeenteraad machtigt het college van burgemeester en schepenen om onderhandse contracten af te sluiten voor de duur van 5 jaar aan volgend tarief: 20,00 € per strekkende meter.

Standplaatsen die na voorgaande toewijzingsmogelijkheid nog beschikbaar zijn, kunnen worden toegewezen aan volgend tarief: 25,00 € per strekkende meter.

De belasting wordt vastgesteld per strekkende meter te nemen op de langste zijde van de inrichting.
Voor ronde of ovale inrichtingen wordt de belasting berekend op de langste doormeter.

2)    Kermisattracties op het openbaar domein buiten de openbare kermissen

Het standplaatsrecht voor standplaatsen op het openbaar domein t.g.v. speciale evenementen, bedraagt voor alle kermisstielen 10,00 euro per strekkende meter en per dag.

3)  Kermisgastronomie op het openbaar domein buiten de openbare kermissen of op privé-domein

- gelegenheidstoelatingen – per dag, per kraam 25,00 euro

- bestendige toelatingen – per kwartaal, per kraam 250,00 euro

Binnen de vergunde periode kan de ambulante handelaar zijn kraam verplaatsen mits hij hiervoor het uitdrukkelijke voorafgaand akkoord heeft verkregen van het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 4

De ambulante handelaar in het bezit van het contract of vergunning is de belasting verschuldigd.

Artikel 5

Deze belasting is niet van toepassing wanneer het openbaar domein in concessie gegeven wordt. De belasting is niet van toepassing voor gelegenheidsvergunningen in kermisgastronomie op privé domein indien het kraam niet voor het publiek toegankelijk is.

Het vooruitbetaalde standrecht is niet vatbaar voor terugbetaling, behoudens in volgende gevallen:
-  wanneer de standhouder om opschorting van zijn abonnement verzoekt omwille van
   1. tijdelijke fysieke ongeschiktheid, en dit met een medisch attest staaft
   2. overmacht, op een verantwoorde wijze aangetoond
   De opschorting gaat in onmiddellijk nà de bekendmaking en eindigt op het einde van de kermis
   3. het feit dat hij over een abonnement beschikt voor een andere kermis die op hetzelfde ogenblik plaatsheeft.

   De vraag tot opschorting moet ten minste drie maanden voor de begindatum van de kermis worden ingediend en mag geen drie opeenvolgende jaren overschrijden.
   4. in andere gevallen, mits gunstige beoordeling door de burgemeester of zijn afgevaardigde
   5. bij overlijden.

De vraag tot opschorting moet gebeuren hetzij bij ter post aangetekend schrijven met ontvangstmelding, hetzij bij persoonlijk overhandigde brief tegen ontvangstmelding, hetzij per duurzame drager met ontvangstmelding.

- wanneer de standhouder afstand doet van het abonnement
   1. bij de vervaldag van het abonnement, mits een opzegtermijn van tenminste 3 maanden;
   2. bij de stopzetting van zijn activiteiten, mits een opzegtermijn van tenminste 3 maanden;
   3. omwille van definitieve fysieke ongeschiktheid, gestaafd met een medisch attest. De opzegging gaat onmiddellijk in na de bekendmaking van de ongeschiktheid;
   4. in andere gevallen, mits gunstige beoordeling door de burgemeester of zijn afgevaardigde
   5. bij overlijden

- wanneer de stad het abonnement opschort of stopzet omdat de foorkramer
  1. niet langer voldoet aan de voorwaarden voor de uitoefening van de activiteit
  2. de verplichtingen van het huishoudelijk reglement niet naleeft.

Artikel 6

Het standplaatsrecht wordt gefactureerd en moet worden betaald vóór de inname van de standplaats. De standplaats mag niet ingenomen worden zo de betaling niet is uitgevoerd en het bewijs hiervan werd geleverd.

Bij wanbetaling wordt het ingevorderd bij middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 7

De belasting dient betaald 30 dagen na de factuurdatum en zeker voor de inname van de standplaats.

Artikel 8

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2020.